Bolivia - Peru 13
oktober-11 november 2000

dag 1 tot 3
Onze
vlucht Schiphol-Frankfurt met luchtvaartmaatschappij Lufthansa had een beetje
vertraging, we stegen op om 20u10 en landden om 21u.
Om
21u25 moesten we al inchecken voor de vlucht naar Sao Paulo, Brazilië. Deze
vlucht was overboekt en wie als vrijwilliger 6u wou wachten op de volgende
vlucht kreeg 1200 Duitse Mark.
We
stegen op om 22u10, duur van de vlucht: 11u20. We landden in Sao Paulo om 6u
a.m. plaatselijke tijd (hier was het 4u vroeger dan in België). Met Varig
vlogen we dan om 9u34 naar Santa Cruz in Bolivia, een vlucht van 2u35.
Toen
we om 10u40 (uurwerk weer 2u terug, dus dat scheelt al 6u met thuis) landden,
was er niemand om ons af te halen want we waren een uur te vroeg.
Uiteindelijk
reden we met een busje naar het hotel, Hotel Excelsior.
Met
de ganse groep hebben we een rondje gelopen door het stadje, eerst naar de
supermarkt om water te halen en daarna gingen we iets drinken. Het was heel erg
warm weer en een geweldige drukte op straat.
’s
Avonds aten we met de hele groep in een Iers restaurant. Het maken van de
rekening duurde eindeloos.
We
gingen vroeg naar bed.
Om 5
u uit bed en met de bus reden we naar de luchthaven voor een binnenlandse vlucht
naar Cochabamba, vertrek om 7u30, duurtijd: 35 minuten.
In
Cochabamba zaten we al op 2700 m, het was hier veel frisser en het regende een
beetje.
In
Gran Hotel Las Vegas hadden we een kamer op de 4e verdieping en er
was geen lift.
Om
10u vertrokken we met de bus naar de markt van Cliza. Behalve wij waren er geen
andere toeristen, de Bolivianen keken meer naar ons dan wij naar hen. Deze markt
was enorm groot en er werd echt alles verkocht, zelfs valse paardenstaarten voor
de Boliviaanse vrouwen.
De
bevolking was hier nog in traditionele kledij, de vrouwen droegen felgekleurde
rokken en waren getooid met het typische bolhoedje, de mannen droegen een
poncho.
Daarna
gingen we naar Tarata, een dorpje met huizen van adobe stenen. We bezochten ook
een franciscanenklooster uit 1796 maar er was niet zoveel te zien. Buiten het
klooster was
een familie een feestje aan het bouwen omdat zij hun nieuwe auto
gezegend hadden. Deze wagen was versierd en bestrooid met bloemblaadjes en er
was volop drank.
In
een klein dorpje, Colcapirhua genaamd, gingen we chicha proeven, een drank
gemaakt van maïs, water en suiker.Men beweerde dat er geen alcohol in zat maar
als we op de binnenkoer eens om ons heen keken naar de dronken Bolivianen, dan
wisten we wel beter. We smaakten het trouwens ook.
In
datzelfde dorp was ook een feest aan de gang ter ere van de H. Laurentius. Er
was een massa volk op de been en er was een optocht van groepen in
verschillende
klederdrachten, er waren ook kraampjes met allerlei eten, het ene zag er lekker
uit en het andere dan weer helemaal niet. We zagen veel dronken Bolivianen die
al heel wat chicha gedronken hadden.
’s
Avonds aten we kip, heel wat restaurants waren dicht omdat het zondag was. Om
20u30 kropen we in bed want ik voelde me niet helemaal goed, waarschijnlijk de
hoogte.